Wereld krijgt in toekomst te maken met enorme watertekorten en grondstoftekorten

2

Watertekorten doen zich in steeds toenemender mate voor. Dat is het gevolg van enerzijds de groeiende wereldbevolking, de opwarming van de aarde alsmede de toenemende verdroging en optredende verwoestijning in steeds grotere delen van de wereld. Andere factoren die een belangrijke rol spelen zijn de toenemende industrialisatie en urbanisatie met name in Azië alsmede de uitbreiding van het landbouwareaal als gevolg van de groeiende vraag naar gevarieerde voedingsproducten. Het Wereld Water Forum doet om die reden een dringend beroep om drastische maatregelen te nemen. Dit onderstreept de noodzaak tot versnelde investeringen en nieuwe innovatieve technieken leidend tot de grootste groeimarkt ter wereld.

Zoals olie een groot deel van de geschiedenis van de vorige eeuw heeft bepaald, zal water deze rol in de 21e eeuw voor een belangrijk deel opeisen. In de komende jaren zal bijna de helft van de wereldbevolking in gebieden komen te leven met een zgn. water stress. Het eerste probleem wat dan opdoemt, is de water infrastructuur. Volgens verschillende specialisten op dit terrein wordt de investeringsvraag geschat op een bedrag van boven $20 biljoen (12 nullen).

Volgens de VN zal er in de komende 20 jaar meer moeten worden geïnvesteerd dan in welke sector ook om aan deze “stress” het hoofd te kunnen bieden. Of het doel van $20 biljoen zal worden bereikt, mag sterk worden betwijfeld maar niettemin liggen hier beslist grote beleggingskansen.

Naar verwachting zal de “water” industrie met thans een omvang van een slordige $600 miljard uitgroeien tot de meest omvangrijke ter wereld gezien de noodzaak om te voorkomen dat er straks (veel) meer ‘watertoerisme’ ontstaat dan wel oorlogen. Zo is bijvoorbeeld de regenval in het Midden-Oosten en centraal Afrika reeds met 20% teruggevallen. Dit geldt eveneens voor grote delen in Centraal-Azië maar ook in India en in het zuidwesten van de V.S. met name in Californië. Deze ontwikkelingen blijken volgens diverse metingen bovendien steeds een sneller verloop te krijgen. Recent meldde ook Kaapstad binnen niet te lange tijd te moeten overgaan tot waterrantsoenering.

Volgens de VN hebben ca. 1.1 miljard mensen intussen geen of onvoldoende toegang tot schoon drinkwater. Nog somberder is dit orgaan over de toekomst met een inschatting dat over 20 jaar bijna de helft van de wereldbevolking nogmaals niet genoeg water ter beschikking zal hebben om de behoefte vertaald in drink- en kookwater alsmede sanitatie te kunnen dekken. De toekomstige vraag naar water zal straks niet te stillen zijn.

De bevindingen van de UN World Water Development Report in 2015 gaven aan dat het jaar 2030 de ‘dawn’ van het watertekort al nadrukkelijk zal markeren als er niet op korte termijn stringente maatregelen worden getroffen. Op de verwoestijning is nog steeds geen afdoende antwoord gevonden. Samenwerking op wereldschaal zal nodig zijn om mens en dier in de toekomst waar ook ter wereld in deze primaire behoefte te kunnen blijven voorzien.

Onderstaand wordt op wereldschaal aangegeven hoe het huidige beeld er ongeveer uitziet.
De kleurenschaal loopt van -25 naar + 25. Canada, Centraal-Siberië en het Amazonegebied fourneren de grootste zoetwaterbekkens. In Canada wordt zelfs overwogen om water (in ijsvorm) tot een exportproduct te maken.

watertekorten

Op gezette tijden worden deze gegevens steeds opnieuw getoetst en ontvangen de bewuste gebieden hiervan een nadere “inkleuring”. De bedoeling is dat de aanpassing van deze gegevens zal bijdragen tot het nemen van (tijdige) actie. Belangrijk is dat daarmee ook territoriale spanningen zoveel mogelijk worden voorkomen c.q. weggenomen

Voeding

Naast water vormt voedsel onze tweede directe primaire behoefte waarvoor men bij onvoldoende aanwezigheid op zoek gaat zoals vóór de uitvinding van de landbouw
(zie hieronder), volksverhuizingen plaats vonden en oorlogen werden gevoerd toen het begrip koopkracht nog niet eens bestond.

Voedselhistorie

Met de vinding van de landbouw in het Midden-Oosten een slordige 11.000 jaar geleden hoefde de mens minder “op reis” op zoek naar voedsel en kwam er geleidelijk een einde aan het nomadenbestaan. Het waren met name de Sumeriërs in Mesopotamië tussen de Euphraat en de Tigris – het land van “melk en honing” – die de landbouw zo ongeveer 6.000 jaar geleden hebben weten te professionaliseren. Zij waren als eersten in staat meer landbouwproducten te produceren dan ze konden consumeren en creëerden daarmee zodanige reserves dat er tijd ontstond voor de ontwikkeling van met name wetenschap en architectuur. De Romeinen waren in dat opzicht veel minder bedreven maar zorgden met hun invasies op vreemd grondgebied er wel voor over voldoende voedsel te beschikken.

Pas in de moderne tijd werd de V.S. de graanschuur van de wereld en ook ons landje als tweede landbouwexporteur ter wereld speelt een niet geringe rol. Intussen zie je vooral de laatste jaren overal ter wereld het landbouwareaal afnemen als gevolg van urbanisatie, industrialisatie, erosie, verdroging en verwoestijning. Anderzijds neemt niet alleen de wereldbevolking toe maar ook de middenklasse groeit die meer calorieën verlangt dan voorheen, met name in Azië – China en India – met ruim een derde van de wereldbevolking. Vooral op het Aziatische continent stijgt de vraag naar betere en gevarieerdere voedingsproducten dan ook het meest..

Dat geldt niet alleen plantaardige maar ook dierlijke producten. De vleesconsumptie eist op zich weer een aanzienlijk deel van het landbouwareaal op. Deze ontwikkelingen tezamen zijn onverenigbaar en leiden tot een onhoudbare trend indien niet op een meer adequate manier in de primaire voedselbehoefte wordt voorzien. Zo ligt de ontstane droogte in Syrië aan de krib van de burgeroorlog aldaar. Daar waar het niet langer of onvoldoende mogelijk is om voedsel te produceren is het zaak middels moderne technieken te kunnen blijven voorzien in deze basisbehoefte waar dan ook. Ook op dit terrein speelt Nederland eveneens een steeds grotere rol.

Blijkens een rapport van een VN-onderzoek onder de titel “Global Land Outlook”, uitgevoerd door het Nederlandse Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) met een vooruitblik tot 2050 dreigt er steeds meer landdegradatie (achteruitgang van de bodemkwaliteit) op te treden als gevolg van overmatig gebruik vanwege intensieve landbouw, bodemuitputting en vervuiling. Niet was opgenomen dat er ook voortdurend landarealen ten prooi vallen aan het proces van urbanisatie (stadsuitbreiding) en industrialisatie. Anderzijds zal de voedsel- en watervraag steeds verder toenemen naarmate de wereldbevolking groeit en de welvaart toeneemt. Terwijl de grootste bevolkingsgroei zich juist daar voordoet waar de middelen tot een beter bodembeheer grotendeels of geheel ontbreken zoals in Noord-Afrika, het gebied ten zuiden van de Sahara alsook in Zuidoost Azië. Gerapporteerd werd dat er door verdroging in het Midden-Oosten, Californië, Zuid-Europa – Griekenland, Italië en Spanje – toenemende problemen ontstaan.

Schone energie

Volgens het Internationale Energie Agentschap (IEA) zal de wereldwijde behoefte aan energie over twintig jaar bijna 50% groter zijn dan vandaag. De uitdaging die dit met zich meebrengt, is vooral gelegen in innovatie waarbij een schoner milieu en energie efficiency voorop staan. Dit is ook een absolute voorwaarde om de klimaatverandering het hoofd te kunnen bieden. Het vereist een radicale bijstelling van doelstellingen. De energie-industrie dient dan ook een veel grotere bijdrage te leveren. De toekomstige economische groei zal hiervan in niet geringe mate afhankelijk zijn.

Naar verwachting bereikt de mondiale energiebehoefte zijn piek al vóór 2030. Dat voorspelde de World Energy Council (WEC) vorig najaar. Technologische innovatie, overheidsbeleid en klimaatzorg zullen moeten bijdragen tot een ‘grand transition’ in de energie-industrie, zo stelt de raad.
De World Energy Council – met meer dan 70 academici en werknemers van energiebedrijven alsmede uit de publieke sector – onderzocht drie toekomstscenario’s voor de groei van de mondiale energiebehoefte tot 2060. Het rapport World Energy Scenarios 2016 werd gepresenteerd op de vooravond van het Wereld Energie Congres in Istanbul. Ongeacht welk scenario het meest relevant blijkt, vormen transitie van de energieproductie het grootste draaipunt in deze eeuw.

Uit een bericht van de World Energy Council

‘(…) Speaking at the report launch Ged Davis, Executive Chair of Scenarios, World Energy Council, said: “It is clear that we are undergoing a Grand Transition, which will create a fundamentally new world for the energy industry. Historically people have talked about Peak Oil but now disruptive trends are leading energy experts to consider the implications of Peak Demand. Our research highlights seven key implications for the energy sector which will need to be carefully considered by leaders in boardrooms and staterooms.” (…)’

De energiewereld zal er in 2060 geheel heel anders uitzien, voorspelt de WEC. De vraag naar elektriciteit zal in 2060 verdubbeld zijn. Het aandeel fossiele energie met haar schadelijke uitstoot zal wereldwijd moeten afnemen tot 50% procent in 2050. Complicerende factor daarbij is dat naarmate de opwarming voortduurt en langzaam versnelt er tevens methaan vrijkomt vanuit de smeltende permafrost dat veel schadelijker is dan CO2. Op termijn zal het aandeel fossiele energie nog sneller afgebouwd dienen te worden, willen we de stijging van de gemiddelde temperatuur binnen de bandbreedte van 1½ tot 2 graden beperkt weten te houden. Gezien de rampen die nu al op ons afkomen, is een doelstelling tot 1,3 graden al sterk te verkiezen.

Uit een bericht van the Guardian – Oct. 2016

‘(…) the council warned that keeping global warming below 2 C. would require an “exceptional and enduring effort, far beyond already pledged commitments and with very high carbon prices”.(…)’

– dus er zullen veel meer inspanningen nodig zijn om binnen de 2 graden opwarming te kunnen komen. Ook klimaatjournaliste Bernice Notenboom onderstreep deze mening.

Grondstoffen

Voor de langere termijn dienen we ons te realiseren dat urbanisatie als gevolg van de bevolkingsgroei op onze planeet onverwijld sterk zal blijven toenemen. Voor de komende tien jaar wordt een bevolkingsgroei verwacht van ruim een miljard mensen. Tegen 2030 zitten we “opgescheept” met een slordige 8,5 miljard aardbewoners, waarvan geschat een kleine 60% in een geürbaniseerde omgeving zal toeven. Dit gaat niet zonder verder onze natuurlijke hulpbronnen aan te spreken.

De “honger” naar betere leef- en woonomstandigheden en meer luxe is bij lange na nog niet gestild. Dat geldt in het bijzonder voor het Aziatische continent en Afrika. Het jaar van de opstand in China in 1989 zal nog geruime tijd op het Politburo in Peking blijven naijlen en vormt in wezen nog steeds de stuwende kracht achter de snelle vooruitgang in de afgelopen 30 jaar. Bijna de helft van de Chinese bevolking heeft zich in die korte tijdspanne min of meer tot de middenstand weten te verheffen. Thans blijkt dat de groei niet langer uitsluitend middels de export kan worden gefinancierd. Het land verkeert langzamerhand op het punt van omschakeling naar een meer op de binnenlandse markt gerichte economie en een schoner milieu.

Voor India met een bevolking van bijna een miljard beneden het bestaansniveau valt er zelfs nog veel meer te doen op het terrein van de infrastructuur w.o. energie, wegenbouw en irrigatie.. Hier hangt veel af van de vraag hoe premier Modi de economie in zijn land verder weet te “modificeren” en te moderniseren. Naarmate de verbeteringen vorderen zal de vraag navenant toenemen.

Edelmetaal

Bij een transitie van ons huidige monetaire systeem zal goud de drager van een nieuw systeem blijken te worden (met zilver in het kielzog), teneinde het monetaire vertrouwen te rechtvaardigen. Het is zelfs niet ondenkbaar dat beide metalen aanvankelijk als het enige echte (onkreukbare) geld (zoals vanouds) als algemeen betaalmiddel zullen dienen.

Bij afwezigheid van een gouden standaard is er geen deugdelijke manier om je vermogen voldoende te beschermen tegen koopkrachtverlies. Hou er rekening mee dat bij herinvoering – onder Trump is deze kans reëel geworden zodra hij de Fed naar zijn hand weet te zetten – de goudprijs gefixeerd wordt tot op een niveau van ca. $10.000 per ounce, vooropgesteld dat de goudvoorraad in de V.S. niet ernstig is aangetast. Dat zou al op redelijk korte termijn kunnen gebeuren! Zo niet dan is het wachten op de BRICs die eveneens op “het goudspoor” zitten.

Waarom goud “goud” waard is?

  • het oudste ruilmiddel aller tijden met de grootste constante waardecapaciteit in termen van koopkracht
  • tot augustus 1971 gold goud als het monetaire anker van de dollar waaraan de meeste andere valuta’s waren gekoppeld terwijl vanaf die tijd de koopkracht van de papieren valuta’s aldoor is gedaald als gevolg van verruiming van de geldhoeveelheid of anders: elke papieren valuta heeft het in koopkracht tegen goud altijd moeten afleggen
  • goud vormt een ‘hedge’ of een financiële verzekeringspolis tegen koopkrachtverval zoals tegen de stijgende kosten van levensonderhoud – voedsel, energie, transport etc.
  • sinds de ontkoppeling in 1971 geldt goud nog steeds als de “monetaire barometer”
  • edelmetaal kan niet worden bijgedrukt (counterfeiting) en kent geen counterparty risk zoals bij alle papierwaarden
  • biedt optimale liquiditeit
  • gedekt door regulering
  • veiliger dan de crypto’s

watertekorten 2

Uit deze grafiek valt af te lezen dat op basis van de huidige goudprijs de koopkracht van $100 aan goud (0,81 ounces) in 1971 thans bijna $3.700 vertegenwoordigt. Geen wonder dat “onze” beleidsmakers hierover het liefst het zwijgen bewaren, want dit is de echte inflatie!

Waarom gaat het altijd fout met het fiduciaire ‘fiat’geld?

  • omdat het fiatgeld nooit meer is geweest dan een belofte van de uitgevende staat om de koopkracht ervan in stand te houden
  • omdat een geldhoeveelheid die onvoldoende door economische groei wordt gedragen als gevolg van schuldvorming in koopkracht erodeert
  • omdat koopkrachtverlies van een valuta (depreciatie) zich vertaalt in een duurdere import zoals voedsel, grondstoffen, kapitaalgoederen etc. en ten principale aanzet tot prijsstijging (inflatie), eventueel gevolgd door loonsverhogingen resulterend in een loon/prijs spiraal

Zonder enige tastbare (fysieke) referentie (koppeling) is de politieke verleiding groot de uitgavenzijde van het staatshuishoudboekje sterker te laten groeien dan de inkomenszijde.

Een grotere schuld vraagt bij meer kapitaalbehoefte om een hogere rente. Met het bewust laag houden van de rente (Greenspan, Bernanke, Yellen, Draghi) in combinatie met een “losse” geldpers verwordt het monetaire systeem tot een soort ‘casino capitalism’. De hieruit voortvloeiende schuldgroei leidt tot ongedekte verplichtingen die niet meer kunnen worden ingelopen door de economische groei. Hoe groter de ongedekte schuld hoe meer koopkracht er op termijn zal moeten worden ingeleverd, zichtbaar in bezuinigingen, hogere belastingen en lagere uitkeringen..

Bij het aantreden van George W. Bush in 2001 stond de goudprijs op ca. $270 per troy ounce tegen thans tussen rond $1.300 of wel een stijging met een factor van ca. 5. Let wel, deze stijging zou aanzienlijk groter zijn geweest zonder de krachtige manipulaties op de COMEX futures beurs in New York sinds september 2011. Deze manipulaties werden noodzakelijk geacht om het vertrouwen in de dollar als reservevaluta “in stand te houden”.  De stijging van het goud verhoudt zich omgekeerd evenredig in de koopkrachtdaling van het fiatpapier. Deze stijging viel ondanks alle krachtsinspanningen op COMEX niet tegen te houden!

Zilver

Dit edelmetaal wordt wel aangeduid als ‘poor men’s gold’ omdat de prijs (thans ca. $17 per ounce) een fractie van de goudprijs bedraagt. Bij een goudprijs van ca. $1.300 koop je ruim 75 ounces zilver. De historisch gemiddelde verhouding was echter 16 op 1 zoals ook tot 1971. Dat zou betekenen dat de huidige zilverprijs op die basis op ca. $80 per ounce zou uitkomen, kortom thans “een koopje”! Bedenk tevens dat de jaarlijkse zilverproductie met nog geen 900 ton slechts een derde van de goudproductie omvat. Bedenk ook dat dit edelmetaal voor circa de helft industriële/medische toepassingen kent, waardoor er sprake is van een inelastische vraag, terwijl er weinig scrap (afval) in “het circuit” terugkeert.

Meest bedenkelijk is evenwel dat de productie bij deze “gemarchandeerde” prijs bij veel mijnen nauwelijks of geen winst meer oplevert. Als gevolg van de afnemende aanvoer zal de fysieke vraag bij het vrijgeven tot een hoger prijsniveau doen bewegen. In vakkringen wordt dit als de “kanarie in de kolenmijn” beschouwd waarmee de onhoudbaarheid van de manipulaties op de termijnmarkt wordt onderstreept.

Een andere graadmeter van de onhoudbaarheid van de manipulaties op de COMEX vormen de crypto currencies waarop ‘da boyz’ tot dusver nog geen enkele vat hebben kunnen krijgen maar die zo langzamerhand wel een doorn in het oog beginnen te worden. Om een idee te hebben van de marktomvang vergeleken met andere vermogensbestanddelen als aandelen en obligaties zijn bijgaande beelden bijna “lichtgevend”.

watertekorten 3

Voor zowel goud als zilver geldt dat dit afgezet tegen de volstrekt uit de hand gelopen schuldenberg nog nooit zo goedkoop is geweest!

Het zou goed zijn dit “nieuws” niet met ‘business as usual’ in het vizier voor kennisgeving aan te nemen. Wees er op voorbereid dat we straks met totaal andere koopkrachtparameters te doen zullen krijgen. De primaire levensbehoeften en ‘hard assets’ in de vorm van koopkracht zullen dan echt als primair gelden.

Auteur: Robert Broncel van De Strategische ModelPortefeuille

Share on Facebook0Share on Google+0Tweet about this on Twitter0Share on LinkedIn0

Over deze schrijver

Biflatie.nl publiceert artikelen over de crisis en de huidige (macro)-economische situatie, biflatie, de huizenmarkt, de eurocrisis, goud & grondstoffen, de machthebbers en het monetaire systeem. Twitter: @Biflatie