Biflatie Pensioen Bulletin (BPB): Neerlands Hoop

10

Het pensioenstelsel in Nederland staat onder druk. Inmiddels is hierover een maatschappelijke discussie ontstaan en zijn de meningen van de betrokken partijen behoorlijk verdeeld. Op Biflatie.nl leest u voortaan alles wat uw pensioen aangaat. Fiscaal, wettelijk, over de nieuwste ontwikkelingen binnen de sector en wat de toekomst brengt.

Gerrit Welbergen: Nadat collega auteur Joost mij (met veel bombarie) in de eerste column van dit bulletin introduceerde heb ik een klein beginnetje geschreven over onze pensioenmalheur. In het voorwoord wijs ik op het enorme belang van ons Nederlandse Pensioenstelsel waarbij ik hier nu bewust het woord “Pensioenstelsel” met een hoofdletter P schrijf. En bewust “Nederlands” omdat het een puur ‘nationaal’ stelsel is van fondsen die worden gevuld vanuit de Nederlandse economie. Dat zijn dus de in Nederland wonende werknemers die hun premies betalen met hun in Nederland verdiende inkomen en ingeschreven staan in Nederland.

Ons pensioenstelsel is Nederlands stelsel

Ook Nederlanders die in het buitenland staan ingeschreven kunnen vanuit hun buitenlandse belastingplicht (verplicht) bijdragen aan een NL-pensioenfonds als hun inkomen uit Nederland komt. Daarnaast kunnen zelfs Nederlanders in het buitenland vrijwillig bijdragen aan een NL-pensioenfonds als hun inkomsten in het buitenland worden verdiend. De keuze is meestal niet moeilijk omdat onze pensioenfondsen, die gezamenlijk het NL-pensioenstelsel vormen, bekend staan als de beste ter wereld.

Opbouw pensioenstelsel

De opbouw van ons pensioenstelsel zal bij de ingewijden onder ons wel bekend zijn maar wil ik toch even noemen. Het stelsel bestaat namelijk uit 3 belangrijke pijlers die, aan elkaar verbonden, een brug vormen naar een zorgeloze(?) oude dag.

De 1e pijler is onze Algemene Ouderdomswet (AOW). Het is het basisinkomen om te kunnen rondkomen. Iedereen die in Nederland woont of werkt, bouwt automatisch AOW op. De hoogte van de AOW wordt jaarlijks aangepast aan de ontwikkeling van het minimumloon.

De 2e pijler is pensioenopbouw via de werkgever. Zo’n 90% van de werkgevers heeft een aanvullende pensioenregeling. Hierdoor krijgen gepensioneerde werknemers een aanvullende uitkering bovenop de AOW-uitkering. Meestal betalen werkgevers ongeveer 2/3 van de totale pensioenpremies en werknemers 1/3 deel. Pensioenfondsen beleggen de premies om later aanvullend pensioen uit te kunnen betalen. De ingehouden premie is fiscaal aftrekbaar en wordt direct op het brutoloon ingehouden alvorens de loonheffing in te houden. (In de aangifte inkomstenbelasting dus niet nog een keer aftrekken hoor!).

De 3e pijler vormen de individuele aanvullende pensioenvoorzieningen. Bijvoorbeeld lijfrenten, koopsommen en levensverzekeringen. Daarmee spaart u fiscaal aantrekkelijk voor extra pensioen. Bijvoorbeeld om een pensioengat aan te vullen of eerder met pensioen te gaan. Ook zelfstandigen kunnen kiezen voor een individuele pensioenvoorziening.

Toezicht en regelgeving

Wat betreft het toezicht en regelgeving is alles omtrent onze pensioenen vastgelegd in de Pensioenwet. Deze wet regelt de taken en verantwoordelijkheden van pensioenfondsen, werkgevers en werknemers. De toezichthouders zijn De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM). In een bulletin als deze is het belangrijk om te weten waar we de basis en de regelgeving kunnen vinden van onze oudedagsvoorziening, let wel ons Nederlands pensioenstelsel. Ik schrijf met opzet ‘Nederlands’ omdat ik persoonlijk van mening ben dat ons pensioenstelsel steeds meer onder invloed is komen te staan van buitenlandse inmenging en bemoeienis. Ik noem hierbij direct de Europese Centrale Bank(ECB) en de Economische en Monetaire Unie(EMU) met zijn euro. Het is niet dat deze Europese instituten zich rechtstreeks bemoeien met onze pensioenwet maar het is de negatieve invloed die uitgaat van de beteugelende beleidsmaatregelen van Europese instituten. Ik kom daar op terug in mijn volgende columns.

ECB-beleid is oorzaak pensioendiscussie

Veel economen beweren dat zonder de euro maar met de gulden er veel hogere reële pensioenwaardes zouden bestaan. Een discussiepunt uiteraard, maar het is wel de EU met zijn ECB die de lidstaten bepaalde regels opleggen die van invloed zijn op gespaarde reserves. De economisch gezonde landen van de EU, zoals o.a. Nederland, ondervinden met de negatieve rentetarieven op staatsleningen een heel groot nadeel op de gespaarde reserves; terwijl juist de ongezonde lidstaten met te hoge staatsschulden voordeel hebben bij de lage rentetarieven. Een paar procentjes hoger en ze zijn direct failliet.

Wrijvingen

Nu ontstaat er wrijving doordat pensioenen in Nederland mede door toedoen van de ECB stevig onder druk staan. Ja oké, we hebben natuurlijk de vergrijzing, maar die speelt binnen heel Europa. De binnenlandse discussie die nu ontstaat vormt een gevaar voor de uitwerking van het onlangs afgesloten pensioenakkoord. Teveel verschillende meningen over hoe het verder moet. Daarover meer in de volgende pensioeneditie. GW

Over de auteur

Gerrit heeft het unieke vermogen om helder en zorgvuldig een uiteenzetting te geven over de economische ontwikkelingen in voornamelijk het Hollandse polderlandschap. Hij doet dat vanuit een burgerlijke nuchterheid en maatschappelijke betrokkenheid.