‘Er moet een maximum komen aan bonussen’

1

René Tissen, RtlZ | In Zwitserland zal naar verwachting al dit najaar een referendum worden gehouden over het instellen van een gesloten -en dus niet glazen- beloningsplafond voor topmanagers van alle Zwitserse ondernemingen, derhalve niet alleen de Zwitserse banken. Een tijdje geleden werd via een referendum de bonuscultuur ter discussie gesteld. Logisch dat nu de  salarissen aan de beurt aan de beurt zijn. Het is uit met de pret aan de top, althans in Zwitserland.

De beloning moet aan banden

De Zwitsers willen dat het topmanagement van ondernemingen maximaal 15 keer het salaris verdiend van de laagst betaalde medewerker. Een prima zaak en een goed voorbeeld voor Europa. Het leiden van een bedrijf moet weer een erezaak worden voor managers met een goed oog voor economie en samenleving en de balans daartussen. Zij hoeven uiteraard niet voor een appel en een ei te werken.

De feiten liggen anders

Nu is de gemiddelde verhouding in Zwitserland nog 1:52 en die brengt met zich mee dat een topmanager wel heel erg briljant moet zijn en heel erg succesvol moet presteren om deze afstand in beloning te kunnen rechtvaardigen. De feiten liggen anders. En als het goed gaat met een onderneming wil dat nog niet zeggen dat dit door het management komt.

Zelfverrijking

In 2007 -dus ruim voor de crisis- verdiende de toenmalige topman van het Zwitserse Novartis zelfs 720 keer meer dan de laagst betaalden in deze onderneming. Ook toen al waren velen van mening dat de verhouding tussen de prestaties van de top en hun beloning helemaal zoek was. Maar kritiek op dit belachelijke beloningsbeleid werd alom genegeerd. Rijkelijk belonen werd als de norm gezien. Lees hier verder.