Het Spaanse graan heeft niets doorstaan

3

Geheel volgens verwachting krimpt de Spaanse economie momenteel veel sneller dan officieel voorspeld. De overheidsinkomsten dalen met 16.2 %. Dat is veel meer dan de 12.8% die eerder werd aangenomen. De opbrengsten uit de inkomstenbelasting namen tot op heden met 19.4% af, de vennootschapsbelasting met 40%, de BTW met bijna 23% en de accijnzen met 40%. Geen fraai plaatje.

Als de Spaanse regering ook nog gedwongen zou worden (door Europa?) om een eerlijk beeld te verschaffen van de huizen- en hypotheekmarkt en van de werkelijke staat waarin de Spaanse banken verkeren, was het inmiddels einde oefening geweest.

Vaststaat dat de Spaanse bevolking eigenlijk allang de handdoek in de ring heeft gegooid. Hoe kan het ook anders als de Spaanse werkloosheid momenteel een kwart van de beroepsbevolking treft. En verder oploopt. Jongeren hebben al helemaal geen kans. Niet op werk, niet op geld, niet op een eigen plekje onder de zon. Trouwen? Kinderen krijgen? Huisje bouwen? Vergeet het maar. Toch leeft in Europa het beeld dat Spanje er wel weer bovenop komt. Hoe dan, vraag ik mij steeds weer af.

De consumentenkant van de Spaanse economie is in ieder geval dood, althans voorlopig. De productiekant van  de economie bestaat hoegenaamd niet. Althans niet in die mate dat er sprake is van voldoende schaalgrootte. De financiële sector ( ‘de derde peiler’)ligt op apegapen en dan heb ik het niet alleen over alle ‘bad banks’ waarover Spanje, net als vele andere lidstaten, beschikt. Evenals Griekenland, Ierland en Portugal blijft Spanje vooralsnog overeind, dankzij keiharde steun van de ECB en dankzij financial re-engineering. Dat laatste is een mooie ‘haute finance’ term voor het aan het oog onttrekken van de werkelijke schuldenpositie van het land. Lees verder op RTL Z.