Miljoenen Nederlanders krijgen minder pensioen

8

Leonie Hogervorst, DeWereldMorgen.be | 68 Nederlandse pensioenfondsen kortten op 1 april hun uitgekeerde pensioenen tot wel 7 procent. Dit moesten zij onder druk van De Nederlandsche Bank, die de dekkingsgraad weer op het gewenste niveau van 105% wil zien. 5,6 miljoen Nederlanders worden hierdoor geraakt: een derde van het totaal aantal inwoners van Nederland. En bij deze korting blijft het niet: in 2014 zullen sommige fondsen nogmaals een korting doorvoeren.

De grote verliezer is de gepensioneerde, maar ook de huidige actieve werknemers (die een premie betalen) en de mensen die geen werknemer meer zijn, maar ook nog niet gepensioneerd (de ‘slapers’), blijven niet buiten schot. Nadat het tekort bij de pensioenfondsen eerder al op haar deelnemers afgewenteld werd via verhoging van pensioenpremies en het stoppen met indexering, is het dan nu tijd voor een hardere maatregel: geld afhouden van de gepensioneerden. Andere opties die de werknemers en gepensioneerden minder hard raken, zoals bedrijven laten bijstorten of de bijdrage van de werkgever vergroten, zijn blijkbaar minder aan de orde. Enkele gepensioneerden zijn ondertussen naar de rechter gestapt om bijstorten door de pensioenfondsen zelf te bedisselen.

Pijlers

De oudedagsvoorziening in Nederland bestaat uit drie pijlers. De eerste pijler is de minimuminkomensgarantie voor gepensioneerden die wordt voorzien door de overheid, de Algemene Ouderdomswet (AOW), het wettelijk pensioenstelsel. Daar bovenop is er nog de tweede pijler, die bestaat uit de pensioenfondsen. Deze pensioenregeling is arbeidsgebonden, en betekent dat werknemers met hun werkgevers een aanvullend pensioen kunnen opbouwen via een pensioenfonds. De 415 pensioenfondsen die Nederland telt, vertegenwoordigen elk een verschillende bedrijfstak of bedrijf. De fondsen beleggen de ingelegde pensioenpremie met het doel een zo hoog mogelijk rendement te behalen met zo weinig mogelijk risico. Dit gaat over lange periodes, van 30 tot 35 jaar. De derde pijler ten slotte zijn lijfrenteverzekeringen en kapitaalverzekeringen, die een persoon eventueel privé kan afsluiten om nog wat extra pensioen op te bouwen.

Onderdekking

De pensioenfondsen onder de tweede pijler vormen een zogenaamd kapitaalgedekt pensioenstelsel: deelnemers aan een pensioenfonds sparen in feite voor hun eigen pensioen, doordat de betaalde pensioenpremie belegd wordt en de opbrengsten uit deze investering ook bijdragen aan de hoogte van het later uitgekeerde pensioenbedrag. Voordeel van een kapitaalgedekt stelsel is dat deze minder afhankelijk is van demografische ontwikkelingen, zoals vergrijzing. Tegelijkertijd is dat systeem natuurlijk wel afhankelijk van ontwikkelingen op de financiële markt. Die afhankelijkheid leidde sinds het begin van de economische crisis in 2008 tot een daling van de beleggingsopbrengsten vanwege lage rentes. De dekkingsgraad van veel pensioenfondsen zakte hierdoor tot onder het gewenste niveau van 105 procent. De dekkingsgraad geeft aan in hoeverre de inkomende geldstromen (beleggingsopbrengsten en door de werkgever en werknemer betaalde premies) volstaan om de uitgaande geldstromen (verplichtingen en uitkeringen van pensioenen) te dekken. Lees verder op DeWereldMorgen.be

Over de auteur

Berichten van externe websites en andere bronnen.