Spaanse problemen: Euro duikt onder de $1,30

15

Maandagochtend is de euro onder de grens van $1,30 gedoken. Dit gebeurde voor het laatst in januari 2012. Gister lieten we u via ons Twitter kanaal al weten dat de problemen rondom Spanje steeds serieuzer worden. De Spanjaarden hebben de Europese Centrale Bank inmiddels om meer hulp gevraagd. Hierdoor wordt de euro nu in de verkoop gezet. De waarde van de Europese valuta daalde niet alleen ten opzichte van de Amerikaanse dollar, maar ook ten opzichte van andere valuta.

De wisselkoers van de Euro-Yen daalde naar het laagste punt in de afgelopen twee maanden. Eén euro was maandagochtend even 104,63 waard. Ten opzichte van de Britse pond daalde de euro zelfs naar het laagste niveau sinds september 2010. De euro stond om half negen rond de £0,82.

Terwijl Rajoy, de Spaanse minister president, afgelopen week nog liet weten dat Spanje geen hulp nodig zou hebben, spreekt Luis de Guindo, werkzaam op het Spaanse Ministerie van Economie, hem tegen. In een interview doet hij een beroep op de ECB om meer Spaanse staatsobligaties te gaan inkopen. Het begint er steeds meer op de lijken dat Spanje toch echt het volgende probleemkind van de eurozone zal worden, door de banken- en huizencrisis.

De rente van de Spaanse staatsobligaties schiet maandagochtend fors omhoog. De yield van de 10-jarige staatsobligatie is gestegen tot bijna 6,15%. Griekenland, Ierland en Portugal moesten worden gered toen het niveau van 7% werd bereikt. De Italiaanse rente noteerde eind vorig jaar ook nog rond deze kritische grens. Maar de Italianen hebben het vertrouwen van de markt weer terug weten te winnen. Natuurlijk wel met de nodige steun van twee rondes LTRO (Long Term Refinancing Operation). Op maandagochtend  noteert de Italiaanse rente rond de 5,6%. De aandacht is verschoven naar Spanje.

Over de auteur

Oprichter van Biflatie.nl. Ondernemer in de vis en in het goud. Schrijft zo nu en dan nog over de economie, het monetaire systeem, crypto's en de beurs.