Aangifte inkomstenbelasting: Voor sommigen een fluitje van een cent voor anderen een drama

0

Het is weer aangiftetijd. Aangifte voor de inkomstenbelasting, dus niet een aangifte van vermissing van kostbare spullen. Hoewel het ongeveer op hetzelfde neer komt. Sommige aangifteplichtigen zijn een bom duiten kwijt als na verloop van tijd de aanslag op de mat valt. Het idiote van de inkomstenbelasting is dat de één moet betalen maar de ander een bedrag van teveel betaalde belasting kan terug ontvangen. De inkomstenbelasting als zodanig brengt dan ook niet zoveel geld in het laatje van de schatkist. Het is meer een politiek instrument geworden in het lange bestaan van de geschiedenis van de inkomstenbelasting. Politiek Den Haag kan er heerlijk aan friemelen. Wat schuiven in het schijventarief, wat gefrutsel in het beperken van aftrekposten, gefriemel met de heffingskortingen, afbouw van arbeidskorting en algemene heffingskorting en een reeks van maatregelen in de winstsfeer voor ondernemers.

belastingdienst

Nachten zonder slaap

De politiek heeft het dermate ingewikkeld gemaakt dat veel ondernemers, ook al ben je een eenvoudige dienstverlener, hun administratie uitbesteden aan accountants en belastingadviesbureaus. Ook een behoorlijk aantal particulieren durven niet hun voor-ingevulde aangifte te controleren. Wantrouwend en bang als ze zijn om een klein foutje met kapitale gevolgen te maken. Heb in mijn 48-jarige loopbaan in de inkomstenbelasting de gekste dingen meegemaakt op dat gebied. En snap heel goed waarom zoveel mensen de zenuwen hebben als ze een bericht ontvangen om weer die vervloekte aangifte in te dienen. Voor sommigen een fluitje van een cent voor anderen een drama. Er bestaan mensen met formulierenangst (hoewel digitaal nu) die er absoluut niet aan beginnen. Ik help wat mensen bij het invullen en moet daar soms heel tactisch mee omgaan. Sommigen liggen nachten zonder slaap totdat ik ze gerust heb kunnen stellen dat hun aangifte correct ingevuld en gecontroleerd is ingezonden en ze er weer een jaartje van af zijn.

Betalen voor het goede doel

Komt er een te betalen aanslag dan stel ik mijn familielid of kennis gerust met de mededeling dat het voor het goede doel is. Het geld gaat naar de schatkist waar we met ons allen aan geven. De één wat meer, de ander wat minder. Het vreemde is dat velen het liefst minder bijdragen. Ik reageer dan altijd met de opmerking dat ik persoonlijk graag flink zou willen bijdragen. Simpelweg vanwege het progressieve tarief. Hoe hoger het inkomen, hoe meer belasting je betaalt. Zou toch graag een paar ton inkomen ontvangen en daarvan de helft willen afdragen zeg ik dan. Twee ton inkomen en dan één ton spenderen betekent bij mij dat de ober wat harder loopt vanwege een mooie fooi. ’t Is maar hoe je het bekijkt. Ik word natuurlijk voor gek weggezet. Men snapt heel goed dat 48 jaar lang in de inkomstenbelasting een flinke schade toebrengt aan je manier van denken. Zie om mij heen dat veel mensen ook anders denken dan ik en flink afgeven op het betalen, maar vooral het besteden, van de afgedragen belasting.

Belastingdienst altijd zondebok

Zonde van het geld, zo reageert de mopperende belastingbetaler als Den Haag weer een paar miljard belastinggeld verspilt aan onrendabele projecten. Als belastingplichtig burger ben ik het daar vaak mee eens. Als trouwe overheidsdienaar heb ik er jarenlang last van gehad dat onnodig veel fiscale wet- en regelgeving vanuit Den Haag werd gedumpt bij de Belastingdienst. Deze had als uitvoerende instantie de nodige moeite om de politieke regeldrift in de praktijk op een nette manier toe te passen. En was altijd de zondebok wanneer bleek dat er tekortkomingen waren in de uitvoering van vaak lastige regeltjes omdat er teveel tijd ging zitten in het controleren van aftrekposten waarbij contact met de belastingplichtige een tijdrovende zaak was. De Belastingdienst moest natuurlijk innen en liefst zo snel mogelijk. Nou ja, dan moesten er keuzes gemaakt worden. Wat minder controles dan maar. Dat kwam goed uit toen de kersverse staatssecretaris Wiebes in 2014 had bedacht om flink te gaan snijden in het ambtenarenapparaat van de Belastingdienst. Flink bezuinigen op personeelskosten, daarmee kon je flink wat besparen.

Riant of niet riant

Meer dan 5.000 personeelsleden maakten gebruik van een vertrekregeling die voor sommigen riant en voor anderen zeker niet riant waren. Wat wel riant was, was dat er met een uitgedund personeelsbestand minder gecontroleerd kon worden. Riant voor de frauderende burger en ondernemer dus. De belastingopbrengsten bleven achter door een lagere controlefrequentie. Wiebes had de boel aan het wiebelen gebracht. Het werd tijd voor een nieuwe frisse staatssecretaris. Wiebes ging en Menno Snel kwam in 2017. Er moest sneller worden geïnd natuurlijk maar ook beter gecontroleerd. Inmiddels is de Tweede Kamer gewend aan de vele excuses die werden gemaakt door Snel. Snel kreeg snel in de gaten dat de Belastingdienst door het vertrek van vele duizenden medewerkers het werk niet aan kon. Snel had een snelle manier van reageren op de boze Kamer en was er snel bij om de Kamer te waarschuwen over de oplopende achterstanden bij de Belastingdienst. Als vertrokken medewerker aan de zijlijn dacht ik dat daarmee een keerpunt zou aanbreken. Dat de wetgever zou gaan inzien dat teveel wet- en regelgeving in een snel digitaal tijdperk niet meer van deze tijd is.

Voor de eenvoud en voor het klimaat

Het zou de politiek sieren wanneer nu eindelijk eens wordt ingezet op een echte vereenvoudiging van de fiscale wetgeving. Geen gefrutsel met aftrekposten, gedoe met heffingskortingen, gefriemel met afbouwregelingen en noem maar op. Gewoon een simpele manier van heffen naar draagkracht zonder aftrekposten en andere ongein. Zonder allerlei aftrekposten en heffingskortingen is een behoorlijk lager tarief mogelijk. Daardoor een veel kleinere wig tussen bruto en nettoloon. Zou goed van pas komen bij de werkgevers en werknemers. Lagere brutoloonkosten geeft de bedrijven een betere concurrentiepositie t.o.v. buitenlandse concurrenten. Een hoger nettoloon geeft de werknemers meer ruimte om de financiële gevolgen van het klimaatakkoord op te vangen. Enzovoorts, enzovoorts. Helaas hebben we in ons kleine kikkerlandje een veelheid aan politieke partijen die graag wat in de fiscale melk hebben te brokkelen. Voor alle lagen in de bevolking een of andere aftrek mogelijk of een heffingskorting. Zoiets werkt lekker in de partijprogramma’s waarmee potentiële kiezers een worst wordt voorgehouden. Zolang dit principe in de Nederlandse politiek niet wordt los gelaten, zolang voorzie ik geen verbetering van ons belastingklimaat. Terwijl we nu toch keuzes moeten maken. Of het fiscale klimaat aanpakken, of de opwarming van het klimaat. Ik zou denken dat die keuze op dit moment niet moeilijk is. Wat mij betreft is de politiek nu aan zet

Over de auteur

Gerrit heeft het unieke vermogen om helder en zorgvuldig een uiteenzetting te geven over de economische ontwikkelingen in voornamelijk het Hollandse polderlandschap. Hij doet dat vanuit een burgerlijke nuchterheid en maatschappelijke betrokkenheid.