Amerika in deflatoire trend volgens Google

2

Google, de grootste en meest gebruikte zoekmachine ter wereld, houdt zich al lang niet meer alleen met internet bezig. Zo groeit Google enorm snel in het segment van de smartphones (Android, Nexus One), maakt het auto’s die zelfstandig kunnen rijden en investeert het in windmolenparken (een project dat 5 tot 6 miljard dollar gaat kosten). Dit moet op termijn 1,9 miljoen Amerikaanse huizen van groene stroom voorzien. Het internetbedrijf gaat tegenwoordig ook de concurrentie aan met de kabel televisie (Google TV) en streeft er al jaren naar om de hele wereld in beeld te brengen met Google Earth en Google Streetview (Zelfs de pinguins zijn te vinden!).

Ook is het eigenaar van Youtube, de grootste videoboer op het internet. In 2006 nam Google Inc. de website over voor zo’n 1,7 miljard dollar. Youtube heeft momenteel 408 miljoen gebruikers en dit aantal zal naar verwachting stijgen naar 705 miljoen in 2016. Verder is Google nog bezig met de ontwikkeling van Google Chrome OS, een besturingssysteem voor netbook en tablets. Chrome, de internetbrowser doet het momenteel al goed. In september steeg het marktaandeel naar bijna 12% (van 3,5% vorig jaar) en moet alleen nog FireFox en Internet Explorer voor zich dulden.

Maar nu komt het échte interessante nieuws. Google gaat zich namelijk bezig houden met de economie, met de inflatie om precies te zijn. Op een congres van de National Association of Business Economists maakte Google bekend dat het zijn eigen inflatieberkeningen gaat maken. Kijk, dat willen we zien, want de cijfers van Eurostat, de Federal Reserve en het CBS gaan wel een beetje vervelen. Google gaat gegevens over de prijzen van online winkelverkopen verwerken in een inflatieindex, genaamd de ‘Google Price Index’, ofwel GPI. Het moet een alternatief gaan bieden voor de (veel te trage) inflatieberekeningen van de overheidsinstellingen.


Omdat gegevens op het internet vaak worden aangepast is er volgens Google ook makkelijker te zien of de prijzen stijgen of dalen. De inflatie-index is nog in ontwikkeling en gaat enigszins lijken op de CPI (Consumer Price Index), alleen dan met andere wegingen. Zo worden de huizenprijzen in Amerika voor 40% meegewogen in de CPI. In de prijsindex van Google zullen de huizenprijzen een weging van ongeveer 18% hebben. Natuurlijk zal het de CPI niet kunnen vervangen, er worden immers andere producten verkocht op het internet in vergelijking met de producten die worden gekocht in de reguliere economie. Toch biedt het wel een alternatief perspectief over de prijsontwikkeling. Daar komt bij dat de GPI de statistieken veel eerder kan publiceren.

De Google Price Index laat overigens volgens de Financial Times een ‘duidelijk deflatoire trend’ zien voor producten die sinds kerstmis 2009 werden aangeschaft in de Verenigde Staten. Google komt donderdagavond met cijfers van het 3e kwartaal van 2010. De verwachtingen zijn hoog. Vorig kwartaal stond het aandeel na de publicatie van de 3e kwartaal cijfers nog 7% in het rood, omdat het volgens analisten niet voldeed aan de verwachtingen. Het aandeel is sinds augustus met zo’n 20% gestegen, maar noteert YTD nog steeds -13%. Het aandeel sloot woensdag op $543,30. Analisten van Reuters verwachten dat de omzet op ruim 5,2 miljard dollar zal uitkomen.

*update*: De omzet van Google is met 23% gestegen tot 7,3 miljard. De winst is ook omhoog geschoten naar 2,17 miljard van 1,6 miljard een jaar eerder. Op de beurs van Frankfurt staat het aandeel Google momenteel 9,5% in de plus.

Over de auteur

Oprichter van Biflatie.nl. Ondernemer in de vis en in het goud. Schrijft zo nu en dan nog over de economie, het monetaire systeem, crypto's en de beurs.