Zo’n 18% Nederlandse huishoudens heeft schuldenproblemen

12
1,4 miljoen huishoudens in NL hebben schuldenproblemen, Op een totaal van 7,9 miljoen huishoudens is dat bijna 18 procent. Het gaat daarbij niet om degenen met schulden in het algemeen (want wie heeft die niet?) Maar om problematische schulden. Volgens het Nibud is de definitie daarvan: ‘Er is sprake van problematische schulden wanneer het bedrag dat in 36 maanden kan worden afgelost op de schulden, lager is dan de totale schuldenlanst.’ M.a.w.: technisch heb je een probleem wanneer je schulden niet in drie jaar kan aflossen. Dat lijkt ons reeds een flinke waarschuwing voor iedereen die van plan is om krediet aan te gaan. (Hypotheken laten we dan best terzijde want maar weinigen kunnen zich een woning aanschaffen zonder te lenen.) Maar wat doe je wanneer het reeds zover is?

Staten en hun privileges

Onze moderne maatschappij is gebaseerd op schulden. Hele naties leven op de pof, de Verenigde Staten bijvoorbeeld. Alleen: zich in de problematische schulden werken en dan nog bewust, is een privilege dat aan overheden, regeringen, landen is voorbehouden. Wat zou een Staat zijn zonder de mogelijkheid zich in de schulden te werken? Die staten zoals de VS genieten dan nog eens een reusachtig ‘voordeel’. Het gaat om verschuldigde bedragen die niet alleen van onwaarschijnlijke omvang zijn. (Wie kan zich tweeëntwintig duizend miljard dollar voorstellen?) Ze hoeven die schulden ook nooit meer terug te betalen! Zo lijkt het althans. De ene natie houdt zo vaak kunstmatig de andere in leven. Schulden aan mekaar. Of aan de banken, een wereld apart en de enige winnaars ook in deze. Zolang er niemand opstaat om te innen, is er in de praktijk ook geen probleem.

Particulieren en hun verplichtingen

Niet zo wanneer het schulden betreft die private personen zijn aangegaan. Deurwaarders en incassobureau’s staan steeds vlugger op de stoep om te innen. De tijden van blindelings krediet verlenen lijken toch voorbij sinds de Kredietcrisis. Zij brak uit in 2007 en we dragen nog allemaal de gevolgen daarvan. Persoonlijk kennen we iemand die 10.000 euro nodig heeft voor een nieuwe wagen. Uit noodzaak want de vorige werd total loss gereden, en dit in onfortuinlijke omstandigheden. Drie banken weigeren anno 2019 dit krediet te verlenen. Nochtans verdient de persoon in kwestie 1600 euro netto. Tekent de vader van die particulier mee als tweede aanvrager, met een pensioen van 1500 euro. Betreft het geen persoonlijke lening maar een autolening, dus kan de bank in principe altijd tot beslag overgaan. En gaat het om ocharme 170 euro per maand gespreid over 5 jaar. Drie financiële instellingen weigeren echter dit krediet te verlenen. De reden? De vader in kwestie is reeds 72 jaar en kan wel eens overlijden, aldus de statistieken. Alléén kan de persoon in kwestie dan die schuldverplichting niet honoreren, met een maandelijkse huurprijs van 820 euro. Dat is de redenering van drie prominente banken. Of praktisch: het door hen gebruikte computerprogramma.

Economie gebaseerd op schulden

De reclamesector verleidt van oudsher tot consumeren. Wie zich iets niet onmiddellijk kan permitteren, kan een krediet aangaan. Zo is de bankensector groot geworden. We leven ook in een (wereld)economie die in de praktijk een wegwerpmaatschappij is geworden. Duurzame goederen zoals auto’s, koelkasten, computers houden het vaak niet langer vol dan de garantieperiode. Die moeten dan nillens willens vervangen worden. Dat verschijnsel doet immers die economie draaien. Is iets stuk, dan kopen we toch gewoon een nieuw exemplaar? Of vaker: lénen we voor een nieuw exemplaar.

Toen geluk nog heel gewoon was

We moeten nog niet ver terugkeren in de tijd toen ‘alles’ anders was. Wanneer wij zelf terugkijken naar de tijd van onze ouders. Zij werden geboren in de jaren ’30. Eens de jaren des onderscheids bereikt werd het tijd om een eigen huishouden te stichten. Buiten een kleine hypotheek aangaan, kochten zij nooit enig artikel op krediet. Zij deden zoals gezien van hùn ouders. Je spaarde eerst, en dan pas deed je een aankoop. Wanneer het iets betrof dat het maandelijkse budget overschreed. Hoe anders doen wij het zelf? Wanneer we iets willen, moet dat er dadelijk, stante pede ook komen. Wij volgen hierin helemaal niét die ouders. Zijn wij anders (geworden) dan zij? Is het de druk van de maatschappij? Duurzame goederen waren in hun tijd trouwens nog echt ‘duurzaam’. Hadden een veel langere levensduur of werkingsduur. Wij gebruiken in het dagelijkse leven zo nog tal van artikels en goederen die zij indertijd aangeschaft hebben…

De schuldigen

Onze Nationale Ombudsman (het is ook inderdaad weer een man?!) legt een groot deel van de verantwoordelijkheid bij de overheid. Die zou namelijk de grootste schuldeiser van particulieren zijn. ‘Te vaak brengt het invorderingsbeleid van de overheid mensen met schulden dieper in de financiële problemen, vindt de ombudsman. Reinier van Zutphen: ‘Dat moet stoppen. De overheid moet bij het invorderen oog hebben voor de positie en het belang van mensen met schulden.’ Hij stelde daarom ook een rapport op: Behoorlijk invorderen vanuit het burgerperspectief.  In een behoorlijkheidskader geeft hij aan ‘wat mensen van de overheid mogen verwachten als die schulden bij hen invordert.’

Geen uitsluiting

Lector Nadja Jungmann aan de Hogeschool Utrecht deed meermaals onderzoek naar schuldhulpverlening. Zij zorgde er onder meer voor ‘dat gemeenten in 2016 moesten stoppen met uitsluiting van bepaalde groepen schuldenaren en dat gerechtsdeurwaarders geen beslagen mogen leggen die de schuldenaren alleen maar verder in de problemen brengen.’

Ons idee

Wij zijn van persoonlijk van mening dat je in onze maatschappij niemand mag laten vallen. Dat er vooreerst dient gekeken worden naar de oorzaak van zo’n ‘problematische’ schuld. Is die buiten iemands wil ontstaan? Door ziekte, ontslag, of een andere reden buiten iemands wil, bereik of macht? Of betreft het slecht budgetbeheer of onverantwoorde uitgaven. Roekeloos, impusief kopen of misschien zelfs een koopverslaving? In dit tweede geval is de schuldenaar wel degelijk ‘schuldig’. Hoe dan ook beschouwen wij schuld als ereschuld. Wanneer de schade reeds is aangericht, kan er alleen nog aan een oplossing gewerkt worden. Dan is die van genoemde lector waarschijnlijk nog de beste.

Kwijtscheldingsrtraject

Dat is wat Nadja Jungmann voorstelt. ‘Je leeft drie jaar op bijstandsniveau en daarna worden de schulden kwijtgescholden. Daarna kunnen zij met een schone lei beginnen. Maar wel met maatregelen, zoals de huur en energierekening die gelijk van het loon worden betaald. Van de bijstand leven is echt niet makkelijk en drie jaar is lang genoeg.’

Over de auteur

Zet de dagelijkse economische en maatschappelijke onderwerpen uiteen.